TransTec adviseurs BV
T +31 20 669 30 34
F +31 20 669 35 86
info@transtecadviseurs.nl

Bezoekadres:
Prins Hendrikkade 25
1012 TM Amsterdam

Postbus 14788
1001 LG Amsterdam

9292
Naar TransTec

adviseurs openbaar vervoer

imageBar
PDF

Innovatie en gezond verstand kunnen hand in hand gaan

Toen James Watt de stoommachine perfectioneerde en George Stephenson die stoommachine succesvol op (metalen) rails zette, hadden beide een revolutie in gang gezet die de wereld voor altijd zou veranderen. Het was het begin van de moderne mobiliteit en in essentie waren alleen de uitvinding van de ontstekings-, elektrische en de straalmotor en de ontwikkeling van de computer nog nodig om bij de huidige vervoerpraktijk uit te komen.

Alle grote uitvindingen en slimme innovaties hebben een aantal zaken gemeenschappelijk: ze leveren meerwaarde op voor de samenleving, ze zijn degelijk, ze komen tegemoet aan reële behoeften en vooral: ze zijn effectief en duurzaam omdat ze met gezond verstand bedacht zijn. Innovatie in de wereld van verkeer en vervoer is van oudsher een middel om meerwaarde te realiseren.

Sinds de jaren ’80 is hier echter verandering in gekomen. Innovatie is tegenwoordig maar al te vaak een doel op zich en de producten die eruit voortvloeien moeten ongeacht de kosten en nadelen in de praktijk gebracht worden.

Van sommige innovaties is vanaf het begin duidelijk dat ze de beloftes niet zullen waarmaken. Door intrinsieke nadelen, ontwerpfouten of onrealistische concepten. Enkele voorbeelden verduidelijken dit:

De bandentram van Caen en Nancy is een kruising tussen tram, bus en trolleybus. Daarbij ontstond een vervoermiddel dat zonder twijfel tot de verbeelding spreekt, maar waarvan de nadelen in de praktijk niet altijd tegen de voordelen opwegen. Of anders gezegd: de voordelen van het nieuwe concept wegen niet op tegen de nadelen van de toegepaste deeltechnieken.

TVR-GLT in Nancy (© TransTec)

Ook de magneetzweeftrein is een buitengewoon knap staaltje van ingenieurskunst. Toch zal het waarschijnlijk buiten de sfeer van prestigeprojecten nooit echt wat worden. Simpelweg omdat de techniek intrinsiek te duur is. Bij de klassieke hogesnelheidstrein bestaat de rijweg uit (relatief) goedkope materialen zoals steenslag, beton, staal en koperdraad. De dure motor- en remtechnologie zitten in het voertuig. Bij de magneetzweeftrein is het omgekeerd: de aandrijving zit in de baan. Terwijl de HSL-Zuid pakweg 50 motoren vraagt, zou een magneetzweeftrein op dezelfde verbinding ruim 200 km aandrijvingsapparatuur vragen.

Magneetzweeftrein (© Siemens)

Ook de superbus is een mooi voorbeeld. Terwijl de basisgedachte (een snel voertuig op banden) interessant en veelbelovend oogt, is de appendix van het concept (het thuis ophalen van mensen) bij voorbaat tot mislukken gedoemd. Simpelweg omdat de kosten, vertraging en inflexibiliteit die hiermee ontstaan het concept inefficiënt maken.

Innovatie kan ook op een andere manier voor gemiste kansen zorgen. Bijvoorbeeld wanneer een innovatief concept niet gebruikt wordt voor het primaire doel waarvoor het ontwikkeld werd.

Misschien het meest treffende voorbeeld hiervan is de SUV, de zogenaamde sports utility vehicle. Ooit bedoeld als slim combinatievoertuig voor autoritten die van zowel verharde als onverharde wegen gebruik maken, is het ding uitgegroeid tot een soort statussymbool. De oorspronkelijke ontstaansreden is vaak uit het oog geraakt, maar de inherente nadelen zoals hoger energieverbruik en het potentieel om bij aanrijdingen onnodig menselijk leed te veroorzaken zijn op grote schaal op de samenleving losgelaten.

SUV (© cars-wallpapers.net)

Soms zijn innovaties twijfelgevallen. Ze zouden eigenlijk wel voordelen kunnen opleveren, maar dit staat niet op voorhand vast. In dat geval is het belangrijk dat de innovatie de kans krijgt zichzelf te bewijzen. Vreemd genoeg gaat het met veel innovaties mis omdat ze onnodig complex worden. Of omdat domme details over het hoofd gezien worden.

Een tekenend voorbeeld is Phileas in Eindhoven. Door in één voertuig verschillende experimentele concepten uit te proberen, is het totaalproject Phileas onbeheersbaar geworden. Dit terwijl een aantal aspecten van de Phileas wel degelijk veelbelovend zijn. Het ziet er naar uit dat bij de Phileas van de tweede generatie meer bewezen technieken ingezet worden, waarmee het Phileasconcept een tweede kans krijgt om zichzelf te bewijzen.

Paradoxaal genoeg is het een gebrek aan gezond verstand bij de uitwerking van een detail dat de bandentram (TVR/GLT van Bombardier) de das omdeed. Namelijk het feit dat wanneer banden hoogfrequent op precies dezelfde plaats op asfalt voorbijglijden, er versneld spoorvorming ontstaat. Het voorbeeld van de bandentram in Padua (Translohr concept van Lohr) is nog schrijnender. Hier is men erin geslaagd precies binnen het gebied waar de banden voorbij komen honderden afwateringsdeksels aan te brengen. Een van de meest aansprekende voordelen van de Translohr (zijn geruisloos rijgedrag) is hiermee onnodig verkwanseld.

TransLohr (© TransTec)

Een andere valkuil ontstaat wanneer innovaties verheerlijkt worden en daarbij de oorspronkelijke succesfactoren uit het oog verloren worden. De innovatie wordt dan een dogma dat los van zijn oorspronkelijke context te pas en te onpas toegepast wordt. Soms gaat ongemerkt voorbij dat de innovatie al weer achterhaald is of verder ontwikkeld is.

Een mooi voorbeeld hiervan is het model Karlsruhe. Een unieke set van randvoorwaarden maakte dat in Karlsruhe de invoering van het simpele maar geniale tramtreinconcept een ongezien succesverhaal werd. Ondertussen is de tramtrein een vast onderdeel van het openbaar vervoer modaliteitenspectrum. Vaak wordt de tramtrein echter ondoordacht ingezet. Toepassingen zoals in Braunschweig of Zwickau komen niet van de grond of falen. Meestal omdat een aantal gunstige randvoorwaarden die in de regio Karlsruhe wel aan te treffen waren, hier niet voorkomen. Het klassieke tramtreinconcept van Karlsruhe is in bepaalde gevallen ondertussen achterhaald. In Kassel en Nordhausen hebben de vervoerbedrijven succesvol aangetoond dat door de inzet van hybride voertuigen die zowel met bovenleidingsspanning als verbrandingsmotoren kunnen aangedreven worden, de dure elektrificatie van extensief gebruikte spoorlijnen uitgespaard kan worden.

Karlsruhe (© TransTec)

Gelukkig is het niet alleen kommer en kwel en zijn er ook innovaties die wel veelbelovend zijn en grote meerwaarde opleveren. Gek genoeg krijgen deze innovaties vaak veel minder aandacht in de (vak)pers dan andere meer spectaculair ogende ontwerpen.

Een prachtige vorm van innovatie is wanneer een slim idee ervoor zorgt dat met bestaande technieken een nieuw product ontwikkeld kan worden. Als dat nieuwe product dan ook nog eens aansluit bij een bestaande behoefte, dan is sprake van een potentieel succesverhaal.

Een heel mooi voorbeeld hiervan is de onlangs in Frankrijk ingevoerde hybride trein die zowel met bovenleidingsspanning als verbrandingsmotoren aangedreven kan worden. Eigenlijk een simpel te realiseren concept, omdat de meeste dieseltreinen sowieso elektrische motoren hebben en de verbrandingsmotor alleen ingezet wordt om elektriciteit op te wekken. De voordelen zijn echter enorm: per definitie is volledig elektrische aandrijving efficiënter en dus milieuvriendelijker dan aandrijving die verbrandingsmotoren vergt. Omdat er in Europa veel treinverbindingen voorkomen of zouden kunnen voorkomen waarbij zowel geëlektrificeerde als niet geëlektrificeerde spoortrajecten gebruikt worden, kan met deze hybride trein direct een grote meerwaarde gecreëerd worden: in de vorm van milieuvriendelijker rijden op geëlektrificeerde trajecten of in de vorm van rechtstreekse verbindingen zonder de exorbitante kostprijs van elektrificatie.

Hybride diesel-elektrische trein (© Bombardier)

Ook in Nederland kan de beschreven techniek op middellange termijn veel voordelen opleveren. Zo zou het goed mogelijk zijn om de (geëlektrificeerde of nog te elektrificeren) kerntrajecten van de landelijke oostelijke en noordelijke treinnetwerken (Groningen – Leeuwarden en Arnhem – Nijmegen) elektrisch te berijden, maar toch over lange doorgaande verbindingen te beschikken waarvan de uitlopers niet geëlektrificeerd zijn.

Ook in het internationale vervoer kan de hybride trein toegevoegde waarde hebben. Per definitie bij niet geëlektrificeerde trajecten, maar zelfs onder de stroomdraad. Het is immers goed mogelijk om trajecten die onder een andere spanning staan met dieselaandrijving te overbruggen. Zo vervalt de noodzaak om duur meerstroom?materieel in te zetten. Denk hierbij qua toepassingen aan het verlengen van treinen van Enschede naar Dortmund, van Heerlen naar Aken, van Maastricht naar Luik en van Almelo naar Rheine.

Door naar Nijmegen (© TransTec)

Een andere zeer waardevolle manier van innovatie is wanneer een slim idee ervoor zorgt dat met bestaande technieken een nieuw product ontwikkeld kan worden. Vaak wordt hierbij een idee van het ene toepassingsgebied naar het andere getransponeerd.

Misschien doet het bovenstaande zich binnenkort voor in de sfeer van de people movers met het zogenaamde minimetro concept. Sinds kort worden technieken die bekend zijn uit pretparken en alpine vervoersystemen ingezet om betrouwbare people movers te creëren. Een people mover kan in veel gevallen helpen om de loopafstanden tussen ov-terminals en/of belangrijke herkomst/bestemmingsgebieden te overbruggen. Omdat bij de minimetro componenten gebruikt worden die al (onder extreme omstandigheden) beproefd zijn en standaard vervaardigd kunnen worden, zijn de opstartproblemen in vergelijking met experimentele people movers naar verwachting gering. Een groot voordeel is dat bij deze people movers om relatief slanke en prettig ogende constructies gaat, die goed inpasbaar zijn in (moderne) stedelijke omgevingen. De praktijktoepassingen blijven vooralsnog vooral beperkt tot luchthavens, maar het ziet er naar uit dat people movers van dit model over niet al te lange tijd ook een rol gaan spelen in het stedelijk openbaar vervoer. Een eerste project is in ontwikkeling in Italië.

Hybride vervoermiddel met alpine trekjes (© onbekend)

De misschien wel meest vruchtbare vorm van innovatie is die waarbij bestaande concepten aangepast worden aan nieuwe ontwikkelingen. Door voort te bouwen op bestaande structuren wordt dubbele winst behaald: investeringen uit het verleden blijven renderen, maar dankzij de innovatie is er toch een voelbare verbetering mogelijk.

Op een ogenblik in de geschiedenis toen het leek alsof het klassieke spoorvervoer zijn beste tijd gehad had, ontwikkelden Japanners en Fransen geheel tegen de tijdsgeest in een vervoerconcept dat ondanks zijn hoge kosten een klinkend succes zou worden: de hogesnelheidstrein. Voor reizen tussen stadscentra over afstanden van 100 à 600 km is de HST op dit ogenblik met afstand het snelste en meest milieuvriendelijke vervoermiddel. Het zag er lange tijd naar uit dat 320 km/u de natuurlijke snelheidslimiet van dit vervoermiddel zou blijven. Dit was echter zonder de inventiviteit en het doorzettingsvermogen van enkele knappe ingenieurs gerekend. De nieuwste HST van Alstom (de AGV) bevindt zich op dit ogenblik in de testfase. In de komende maanden zal blijken of de AGV zijn beloftes kan waarmaken: een hogere topsnelheid (360 km/u), stiller rijgedrag en een lager energieverbuik (tot 30% minder werd aangekondigd). Als dit allemaal realiteit wordt, is de AGV een schoolvoorbeeld van geslaagde innovatie, waarbij een bestaand concept verder geperfectioneerd wordt.

AGV (© Alstom)

Onze conclusie is dat innovatie om de innovatie weinig zinvol is en zelfs schade kan aanrichten. Echte innovaties die tegen aanvaardbare kosten reële meerwaarde opleveren blijven echter broodnodig. Het kaf van het koren scheiden is niet altijd even gemakkelijk. Bent u ook bezig met innovatie en kunt u daarbij wat onafhankelijk advies gebruiken? Aarzel dan niet en neem contact op met TransTec adviseurs. Ons gezond verstand krijgt u er in ieder geval gratis bij.